skip navigation

CJP Logo

ASP.templates_maincol_content_ascxCultuurkaart: Tot nu toe meer bestedingen dan vorig jaar

Cijfers t/m mei 2010

Cijfers t/m mei 2010
Nog voordat het nieuwe kalenderjaar begonnen was, had meer dan 2/3 van alle Cultuurkaart-houders hun kaart geactiveerd. Op 1 mei was dit 85%. Voor het activeren van de kaarten zijn doeltreffende oplossingen bedacht en steeds vaker heeft de school een stevig bestedingsplan. Hierdoor kan het Cultuurkaart-tegoed gericht verdeeld en besteed worden.

Verdeling over sectoren
Er is tot mei 2010 ruim 2 miljoen euro meer besteed dan vorig rond dezelfde tijd (4.2 miljoen euro in 2010 t.o.v. 2.3 miljoen euro in 2009). Net als vorig jaar werd het geld, relatief gezien, evenredig verdeeld over de sectoren. De sector waar het meeste tegoed wordt uitgegeven blijft de theatersector. Hier wordt 17% van het geld uitgegeven (wel 6% minder dan in mei 2009). De musea inden tot mei 2010 12% van het uitgegeven Cultuurkaart-geld (vorig jaar 9%). Opvallendste daler is de bioscoop: 8% in plaats van 11% vorig jaar.

Provincies
In Flevoland besteden scholen relatief gezien het best: 39% van het beschikbare budget is daar inmiddels uitgegeven. Zeeland en Drenthe blijven wat besteding betreft een beetje achter (26%). Het meeste geld wordt geïnd door instellingen in Noord- en Zuid Holland (resp. 19% en 17% van het totaal uitgegeven budget). In deze provincie zitten echter ook de meeste instellingen.
De verdeling van het aantal instellingen per provincie is vaak evenredig aan het marktaandeel ‘geïnd geld’. In de provincie Utrecht zien we wel een verschil. Hier bevindt zich slechts 7% van het totale aantal instellingen, terwijl 14% van het bestede bedrag hier  terechtkomt. Dit komt met name door de grotere organisaties (dans- en theatergezelschappen ) die door het hele land reizen.

Opleidingsniveau
In havo 1 wordt van het totale Cultuurkaart-tegoed het meest besteed (46%). In leerjaar 1 van de scholen voor praktijk- en speciaal onderwijs het minst (14%). Over het algemeen blijft vmbo, net als vorig jaar, iets achter op havo en vwo (resp. 29%, 36% en 34%). Ook als het alleen om klassikale besteding gaat, blijft deze volgorde gehandhaafd (resp. 35%, 44% en 41%).

Individuele bestedingen
Vwo’ers zijn de best bestedende leerlingen als het om individuele besteding gaat (10%). Hoe ouder de leerling en hoe hoger het leerniveau, hoe meer er individueel besteed wordt. Bij de meeste leerlingen is de bioscoop het populairst, vlak daarna gevolgd door het theater.

Klik hier voor een PDF met de volledige cijfers.

 

0 personen hebben hun mening gegeven.